Antique

 
Openingsuren:
Woensdag, donderdag en vrijdag van 16u tot 24u
Zaterdag van 15u tot 24u
Zondag van 11u tot 21u

Ons Verhaal - Een stukje geschiedenis

Van Orlay’s Spinnerijen tot wijnbar De Correctie

Temse was tot in de eerste helft van de 19de eeuw een nog hoofdzakelijk landelijke gemeente. Daarna kwam geleidelijk de industrialisering op gang.
Edward Orlay (°Tielrode, 1807), zoon van de Henegouwse schipper-handelaar Charles Orlay en de plaatselijke kostersdochter Sofie Van Landeghem, startte in 1858 een katoenspinnerij op de Markt van Temse. In 1873 heroriënteerde hij zijn fabriek naar de verwerking van jute en vlas.
Een tweede fabriek kwam er omstreeks 1885 op Cauwerburg, buiten het centrum. De allereerste telefoonlijn in Temse verbond de twee bedrijven van Orlay (1885).
 
Aan de vooravond van de 20ste eeuw bekleedde Temse internationaal een voorname plaats in de textielsector. In 1895 stond het textielbedrijf onder leiding van de broers Nicolas en Jerôme Orlay, zonen van Edward. De onderneming was een curiosum voor haar tijd. Ten behoeve van haar personeel beschikte zij over een eigen bibliotheek, ziekenfonds en onderwijs (leren lezen, schrijven, rekenen en moedertaal).
 
Nicolas Orlay (1845-1927) was op socio-politiek vlak een buitenbeentje. Hij sympathiseerde met de Vlaamse Beweging, kwam in 1889 en 1890 als Onafhankelijk Katholiek op (tégen de Katholieken) en koos na 1893 openlijk de kant van de Daensisten. Tijdens W.O. I was hij van nabij betrokken bij de werking van Volksopbeuring, de Vlaamse tegenhanger van het patriottische Nationaal Hulp- en Voedingscomité, en bij de activistische organisatie Vriendenkrans. Ook zijn broers Jerôme en Luciaan waren het ideeëngoed van priester Daens genegen.
Nicolas Orlay zette zich in voor de volksontwikkeling in Temse in het algemeen en zijn bedrijf in het bijzonder. Bovendien kwam hij op voor de vervlaamsing van het handels- en bedrijfsleven.

Hij verleende financiële steun aan de actie voor de vernederlandsing van de Gentse universiteit en was in 1911-1914 lid van de plaatselijke Hoogeschoolcommissie. In 1908 stichtte hij - o.m. met Lieven Gevaert en Leo Meert - het Vlaamsch Handelsverbond, voorloper van het Vlaams Economisch Verbond.
 
Ondanks de filantropische ingesteldheid van de familie Orlay kreeg het bedrijf in de volksmond de bijnaam van ‘de correctie’. Aan de basis daarvan lag het strenge personeelsbeleid. Het klimaat, de controle, het toezicht in de fabriek werd vergeleken met dat van een verbeteringsgesticht ofte correctie.

Tijdens W.O. II viel de invoer van jute uit Indië - de enige leverancier - stil. Na de oorlog, in 1947, werd Indië onafhankelijk en begon het al dadelijk met de opbouw van een industriepark voor de verwerking van eigen grondstoffen. Daardoor werd de leverancier uit de gloriejaren geleidelijk aan een te duchten concurrent op de markt van de jutefabrikanten.
 
De jaren ‘60 en ‘70 betekenden de terugval en de ineenstorting van de textielindustrie, een nationale tendens die ook in Temse tastbaar werd. Bedrijven met een roemrijk verleden als Wilford, Dacca, Wauters en Orlay verdwenen één na één. Orlay’s Spinnerijen sloot zijn deuren in 1968. 
 
Het fabrieksgebouw op de Markt was al na W.O. I verkocht aan de Boelwerf, dat het pand ten dienste stelde van zijn  administratief personeel. In 1984 kregen de gebouwen op Cauwerburg een nieuwe industriële bestemming met de vestiging van Belgomine. Delen van het indrukwekkende complex werden geleidelijk ingenomen door een verscheidenheid aan zelfstandige ondernemers, o.a. de interieurzaak Vica at Home en de wijnhandel Publivino (2008). Toen Vica at Home in 2012 de deuren sloot, verhuisde Wijnbar De Correctie van de voormalige portierswoning naar het huidige industrieel-archeologisch waardevolle pand, dat oorspronkelijk deel uitmaakte van het garenmagazijn.

(door Digna Coppieters - Gemeentearchivaris)